Om succesvol een aquarium te kunnen opzetten en deze gezond te houden, moet u zich goed voorbereiden. Dit kan in de aquariumspeciaalzaak, bij verenigingen van aquariumliefhebbers en door het lezen van literatuur.
Ondanks dat sommige mensen van mening zijn dat vissen geen gevoel hebben, zijn er sterke aanwijzingen dat deze dieren wel degelijk bewustzijn en gevoelens van stress, pijn en angst ervaren. Er zijn vele maten en vormen aquaria verkrijgbaar. Een grotere bak kan vissen en planten natuurlijk een beter milieu geven dan een kleine. Beweging en de grootte van het wateroppervlak is belangrijk in verband met de gasuitwisseling.
Koud water of tropisch
In een tropisch zoetwateraquarium worden bij een temperatuur van 22-29 °C voornamelijk planten en vissen gehouden. De minimum inhoud is 50 liter.
Vanzelfsprekend is een koudwateraquarium, waarvan de temperatuur gelijk is aan de kamertem peratuur, met goudvissen of sluierstaarten het eenvoudigste om mee te beginnen. Kommen worden als ongeschikt beschouw voor welke vis dan ook en worden daarom met klem afgeraden. Er zijn speciale en eenvoudige goudvis-aquaria in de handel verkrijgbaar. Wel dient ook in een klein aquarium te worden gezorgd voor beweging van het water (pompje).
Er gelden verder enkele vuistregels: in een zoetwater-aquarium moeten de planten eerst goed groeien voordat de vissen er in mogen. Deze wachttijd is nodig voor een goede bacteriële (biologische) ontwikkeling. Zet een aquarium in een donkere hoek van de kamer. Veel (zon)licht kan leiden tot overmatige algengroei. Een stevige, vlakke ondergrond is vereist in verband met het grote gewicht van een aquarium.
Benodigdheden
Afhankelijk van het soort aquarium en het beschikbare budget zijn de volgende zaken nodig (exclusief het aquarium zelf, de vissen en de planten):
• bodembedekking (grond en grind)
• filterinstallatie (in of buiten het aquarium, biologisch of mechanisch)
• aquariumverwarming met thermostaat; een waterthermometer
• waterpomp (om water door het filter te geleiden)
• verlichting
• schepnet
• vuilhevel
• algenkrabber
• voedsel
• eventueel een watertestset (vraag in uw speciaalzaak)
Het inrichten van een aquarium
l. Start met een relatief groot aquarium en neem dus geen kom of klein bakje. Breng een water (bestendige) thermometer aan. Gebruik grof grind (ca 3-4 mm korreldoorsnee) of zand als bodembedekking voor planten; als richtlijn wordt aan gegeven ongeveer l kg per vier liter water. Planten zorgen voor schuilplaatsen en zijn decoratief. Bovendien verbruiken levende planten afvalstoffen, zoals nitraten, fosfaten en kool zuurgas. Dit laatste wordt omgezet in zuurstof. Begin met relatief sterke echte waterplan ten en niet te grote planten. Naast planten kunnen stukken steen, rots of hout als schuil plaats voor de vissen en als decoratie dienen. Voor gebruik deze goed schoonmaken en met kokend water afspoelen. Vul de bak daarna met water.
2. Verlichting is nodig voor de stofwisselingsprocessen in het aquarium en hiervoor worden meestal tl-buizen gebruikt die meer licht en minder warmte geven dan een peertje. Bovendien wordt het licht beter verdeeld over het aquarium. Zoek lampen waarbij de planten goed groeien. Voor een aquarium wordt als norm gehanteerd: l Watt tl per dm2 oppervlak bij een hoogte van 30 cm. Bij een hoogte van 40 cm wordt dit 1,5 tot 2 Watt tl per dm.
3. De afvalstoffen van de planten en de vissen moeten samen met voedselresten worden verwijderd. Grove delen kunnen worden afgeheveld en het fijnere vuil wordt door een filter verwijderd. We onderscheiden mechanische filtratie in watten of grof zand dat het grove vuil verwijdert, actieve koolfiltratie die organische stoffen bindt en een biologisch filter. Bij deze laatste zetten bacteriën de orga nische stoffen om of breken deze af. Filters dienen permanent in gebruik te zijn.
• Plaats een goed filter en zet de pomp aan. Met beluchting vindt waterbeweging plaats en kan een betere gasuitwisseling plaatsvinden. Bovendien blijven afvalstoffen beter zweven waardoor ze door het filter verwijderd kunnen worden. Laat dit geheel twee weken draaien en ververs eenmaal per week eenderde deel van het water en reinig het filter. Koop pas daarna enkele vissen (platy's, guppen, goudvissen) en zet ze over in het aquarium. Vraag advies aan de aquariumspeciaalzaak. Dankzij verlichting kunt u de vissen en de planten in het aquarium niet alleen goed zien, maar het is ook van groot belang voor de groei van de planten. Verlicht ongeveer veertien uur per dag en doe de verlichting 's nachts uit.
• Ververs iedere week voor de helft het water gedurende drie weken, daarna iedere twee weken ongeveer tien tot vijftien procent. Let er op dat de temperatuur van het verse water gelijk is aan het aquariumwater. Controleer het water eventueel op nitriet en ammonium of laat dit doen door de winkel. Beide stoffen mogen met slechts een spoortje in het water aanwezig zijn. Gewoon kraanwater is geschikt tenzij het leidingwater chloor bevat. Dan moet het eerst een poosje doorborrelen om het chloor te verwijderen.
• Wacht tot de planten zijn aangeslagen, het zweefvuil is bezonken en het biologisch evenwicht is bereikt, dat wil zeggen dat bacteriegroei in water, bodem en filter plaatsvindt.
7. Koop pas daarna de vissen en laat u bij de soortkeuze adviseren. Bij het uitzoeken kan gelet worden of de vissen geen afwijkingen vertonen (zie verder onder gezondheid). Tussen de inrichting van het aquarium en het juiste moment voor de aanschaf van vissen kunnen soms wel enkele weken zitten. Een veel gemaakte fout bij de aankoop van een aquarium is om meteen na thuiskomst alle onderdelen in de bak te zetten en direct daarna het water en de vissen erin te doen.
Aquariumwater
Wie vissen en planten verantwoord wil houden, moet enige kennis van water hebben, want vissen en planten stellen eisen aan de watersamenstelling. De kunst is namelijk om net die samenstelling te verkrijgen en te behouden waarbij vissen en planten het beste gedijen. Het water dat u moet gebruiken voor (zoetwater) aquaria moet aan een aantal voorwaarden voldoen:
Temperatuur
Elke vissoort heeft zijn eigen 'ideale' temperatuur. Deze temperatuur hangt samen met de afkomst van de vis en alleen hierbij kunnen de vissen het meest verantwoord gehouden worden.
Zuurgraad (pH)
Vissen stellen eisen aan de zuurgraad van het water omdat het verloop van omzettingen van diverse stoffen hiermee samenhangt. Het is daarom belangrijk om de zuurgraad tussen bepaalde grenswaarden te houden. De zuurgraad wordt aangegeven met 'pH'. Wie met vissen wil kweken, dient die waarden heel precies aan te houden. Ook hier weer heeft elke vissoort zijn eigen zuurgraad. Uitgangspunt is het zuur-base evenwicht in zuiver water. Zuiver water bevat gelijke hoeveelheden waterstof ionen (H+) en hydroxi- de ionen (OH). Waterstofionen maken het water zuur, hydroxideionen maken het alkalisch (basisch). Zuiver water heeft een pH-waarde van 7. De pH schaal loopt van 0-14 (zuur - basisch). De pH-waarden voor aquariumvissen liggen tussen pH 5 en pH 9. De meeste zoetwatervissen hebben een voorkeur voor een pH tussen 6,5 en 7,5, zeewatervissen tussen 8 en 8,5.
Hardheid
Water bevat opgeloste mineralen, voornamelijk calcium- en magnesiumzouten. De hardheid van het water, dus de mate waarin bepaalde hoeveelheden van die zouten in het water aanwezig zijn, is afhan kelijk van het gebied waar iemand woont. In de ene plaats is het kraanwater 'hard' en in een andere plaats is het water 'zacht'. Per vissoort, maar dit geldt ook voor planten, geldt een bepaalde waarde hoe zacht of hard het water moet zijn. Hardheid wordt gemeten in Duitse graden: de schaal loopt van zacht naar hard als O °D tot 30 °D. De door calci-umwaterstofcarbonaat veroorzaak te hardheid verdwijnt wanneer water gekookt wordt en wordt daarom 'tijdelijke hardheid' genoemd. De achterblijvende cal- ciumsulfaat zorgt voor 'blijvende' of'permanente hardheid'. De totale hardheid heeft een directe invloed op de celfunctie van vissen, planten en micro organismen. De gunstige waarden voor de hardheid liggen tussen 3 °D en 10 °D.
Voeding
De voeding die gegeven moet worden hangt af van het soort vissen en de hoeveelheid vissen in het aquarium. Vraag aan de aquariumwinkelier welk voedsel de vissen eten en wissel dit regelmatig af met muggenlarven, kleine wormpjes (tubifex) of kleine schaaldiertjes (daphia). Vissen eten zachte waterplanten en algen, maar daarnaast wordt als basis droogvoer gegeven. Koop kleine busjes droogvoer en let op vervaldatum. Voer twee tot drie keer per dag een dusdanig kleine hoeveelheid, dat die in drie tot vijf minuten is opgegeten. Te veel voeren geeft watervervuiling omdat resten voer naar de bodem zakken. Daar wordt het snel omgezet tot te hoge waarden aan nitraat, nitriet en ammonium.
Gezondheid
Herkennen zieke vis
Meestal kunnen er één of meerdere ziekteverschijnselen gezien worden zoals afzonderen, niet of weinig eten, vermageren, opgejaagd worden, abnormale bewegingen of scheef hangen, schurende bewegingen maken over de bodem of langs decoraties, rafelige vinnen en/of staart, huidverkleuringen of andere huidafwijkingen, dikke buik, uitpuilende ogen, snelle ademhaling of luchthappen aan de oppervlakte.
Maatregelen
• Als alle vissen (plotseling) ziek zijn is er meestal een vergiftiging in het spel of is er iets mis met de waterkwaliteit door een defect filter, onvoldoende beluchting of een kapotte thermostaat. Ongeveer 90 procent van de ziekteproblemen bij vissen wordt veroorzaakt door slechte omgevingsomstandigheden.
Als een ziekte matig snel optreedt waarbij steeds meer vissen worden aangetast, zijn er meestal infecties in het spel. Vaak slaan deze toe wanneer de weerstand van de vissen af is genomen door een afwijkend watermilieu. Ook kunnen ze zijn meegekomen met te snel toegevoegde nieuwe vissen. Deze horen de eerste drie weken apart gehouden te worden in quarantaine. • Een enkele zieke vis of een klein aantal is vaak een teken van een niet besmettelijke oorzaak, bijvoorbeeld beschadiging of een tumor. Plaats één of enkele zieke vissen apart in een quarantaine bakje om deze beter te kunnen observeren en mogelijk te behandelen.
Controleer altijd de waterkwaliteit. Hiervoor zijn testen verkrijgbaar bij de aquariumwinkel. Bij verdenking op parasieten kunnen er door de dierenarts huid- en kieuwuitstrijkjes worden gemaakt. Soms moet er een vis worden opgeofferd om achter de oorzaak te komen. Een vis die al meer dan een uur dood is, is ongeschikt voor onderzoek. Er zijn verschillende geneesmiddelen voor vissen via de dierenarts en de dierenwinkel beschikbaar.